Sla navigatie over

Hoe keren we het lerarentekort?

Een liberaal plan van aanpak

A. Wat is het probleem?

Ieder kind heeft recht op het beste onderwijs, en elke ouder verwacht dan ook dat zijn of haar kind les krijgt op school.

Maar vandaag komt dit grondwettelijk recht op onderwijs onder druk te staan omdat er onvoldoende leerkrachten zijn. Vacatures geraken niet ingevuld en zieke leerkrachten kunnen niet vervangen worden. En zo krijgen leerlingen vaker minder les dan voorzien waardoor ze ook minder leerstof te zien krijgen. Zij missen leerkansen en lopen achterstand op. Maar dat heeft ook een negatief effect op de algemene onderwijskwaliteit. In basisscholen worden daarom soms noodgedwongen klassen samengezet, of gaat de directeur zelf weer voor de klas staan. In het secundair onderwijs lijkt het steeds moeilijker te worden om leerkrachten wiskunde of Frans te vinden en te behouden, alsook praktijkleerkrachten.

Dit lerarentekort sleept al langer dan vandaag aan, maar is nog nooit zo dramatisch geweest. Nooit eerder waren zowel ouders als scholen zo bezorgd. En er is ook geen magische oplossing, geen simpele maatregel die het probleem ineens kan oplossen. Een hele reeks van maatregelen, op verschillende niveaus zal noodzakelijk zijn waarbij we moeten durven afstappen van vanzelfsprekendheden of verworvenheden.

Onderwijs van topkwaliteit is immers de basis voor een welvarende, innovatieve samenleving. Onze enige grondstof in Vlaanderen zijn onze grijze hersencellen. Vlaanderen kan zijn welvaart alleen behouden en versterken door te investeren in uitstekend opgeleide mensen. Als de tanker van het onderwijs vastloopt, moeten we die samen keren. Aan plannen en voorstellen geen gebrek. Iedereen heeft wel een stuk van de oplossing. Het komt er nu op aan om al die puzzelstukken samen te leggen.

B. Wat stellen we concreet voor?

1. Maximale vrijheid aan scholen om hun eigen HR-beleid te voeren.

  • Schooldirecties zijn het best geplaatst om te weten waar de noden liggen in hun school. Geef scholen dan ook de autonomie om zelf te kiezen welke profielen ze aantrekken en hoe ze die ondersteunen en begeleiden. Stap dus af van die verstikkende regels waarbij vanuit Brussel in detail wordt opgelegd hoe scholen zich intern moeten organiseren. Geef scholen zo veel mogelijk vrijheid in inzet van mensen en de aanwending van de middelen die daarvoor nodig zijn. Er is vandaag al heel wat mogelijk zonder dat daarvoor de decreten moeten worden aangepast!
  • Laat scholen zo veel mogelijk samenwerken, ook over koepels en netten heen. Ook wat de inzet van leerkrachten betreft.
  • Het is tevens een verspilling van mensen en middelen om identiek dezelfde studierichtingen in meerdere (secundaire) scholen van dezelfde gemeente aan te bieden. Laat de scholen zelf die oefening maken, zonder belemmeringen of taboes.
  • Leerkrachten zouden niet aangesteld moeten worden aan een individuele school maar eerder aan een scholengroep of scholengemeenschap bestaande uit verschillende scholen. Op die manier kan de leerkracht efficiënter worden ingezet in functie van de noden.
  • Het gaat ook niet langer meer om ‘de’ leerkracht maar om het schoolteam. Nog te vaak zien we vandaag de leerkracht als de held die alles moet kunnen. Zoals in de rest van de maatschappij is werken in team de norm. In het schoolteam kunnen leerkrachten elkaar ondersteunen , en zich meer toeleggen op zijn haar of haar interesses . Dat gebeurt nu al, maar kan gerust nog intenser. Daarbij kunnen schooldirecties een belangrijke rol spelen om dat te ondersteunen en te stimuleren, en waarbij ze alle flexibiliteit en mogelijkheden moeten hebben om zo een schoolteambeleid te voeren. Stimuleer alternatieve lesvormen. Afhankelijk van de schoolsituatie kan van het ‘klassikaal lesgeven’ afgestapt worden. Zet klasgroepen samen met beperkte instructietijd maar waarbij de rest van de tijd wordt ingevuld door groepswerk. Zet in op co-teaching of blended learning. Werk met modules in plaats van met blokken van telkens 50 minuten. Of breng vaker externe sprekers voor de klas. Er zijn tal van creatieve mogelijkheden zonder dat de decreten of regelgeving moeten worden aangepast. Zet in op digitalisering. Digitaal onderwijs is een andere manier van lesgeven. Het laat namelijk toe om op maat van de leerling te differentiëren. Zeker in de tweede en derde graad van het secundaire onderwijs kan dit een enorme meerwaarde betekenen: de fysieke aanwezigheid van een leerkracht is daarom niet altijd vereist. Of kan er ook aan grotere groepen les worden gegeven.
  • Scholen moeten intensief samenwerken met de lerarenopleidingen. Niet enkel in het kader van stages van studenten, maar ook op vlak van professionele navorming en bijscholing. Zo worden wetenschappelijke expertise en praktijkervaring uitgewisseld tussen het leerplicht- en het hoger onderwijs.

 2. Leerkrachten behouden

  • Als het aantal leerkrachten dat vandaag het onderwijs verlaat omwille van uiteenlopende redenen (de niet-ingeloste verwachtingen, de ‘praktijkshock’, het gebrek aan toekomstperspectief…) kan behouden worden, dan zou het lerarentekort al voor een deel opgelost zijn. Voor een groot stuk kunnen de scholen dat zelf in handen nemen.
  • Niet zelden moeten leerkrachten – zeker in het secundair onderwijs – zich tussen scholen verplaatsen. In steden zijn er ook vaak enkel betalende parkeerplaatsen. Een vrij te besteden mobiliteitsbudget, waarvan de inhoud door het lokaal bestuur mee te bepalen is, is mogelijk een ‘extra’ motivatie. Daarbij kan ook ingezet worden op e-bikes voor leerkrachten. Minder filegevoelig en bovendien duurzamer.
  • Versterk de pedagogische begeleidingsdiensten: laat hen efficiënte duurzame nascholingsprogramma’s uitwerken en begeleiden – die verder reiken dan de obligate pedagogische studiedag – in samenwerking met externe partners. Maar die ook (startende) leerkrachten kunnen bijstaan in hun omgang met bv. mondige ouders.
  • Alle nodeloze administratie: weg ermee! Ga voor een ‘paparassen-arm’ onderwijs. Laat de Vlaamse overheid een lijst maken van wat écht wel nodig is – en ook de schoolbesturen zelf moeten die oefening maken. Maak komaf met soms overdreven verantwoordingsdrang.
  • Doorbreek de vlakke loopbaan. Vandaag is de loopbaan van een leerkracht zo vlak als een biljartlaken. Maak daarom werk van het lang aangekondigde lerarenloopbaanpact met leerkrachten die starten als junior en later doorstromen als expert leerkracht.
  • Loon naar werk: laten we kijken of een leerkracht, die een bepaalde en onderwijsgerelateerde specialisatie heeft, geen aanspraak kan maken op extra loon.
  • Stap af van de vaste benoeming. Het is juist door flexibilisering en samenwerking dat leerkrachten een vol uurrooster hebben. Niet door een vaste benoeming die voor anderen soms meer onzekerheid dan zekerheid met zich meebrengt.

3. Nieuwe leerkrachten aantrekken

  • Lerarenopleidingen moeten écht wel de eerste keuze worden voor geëngageerde studenten hoger onderwijs. Maar vandaag ligt in de opleidingen ook nog te veel nadruk op theorie. Vanaf de start moet praktijk het zwaartepunt uitmaken. Ook dit kan enkel maar mits een structurele samenwerking met scholen. Laten we daarin duidelijke afspraken vastleggen aangaande opleiding, ondersteuning op school zelf, navorming en continue professionalisering.
  • Geef ruimte aan leerkrachten die voor een stuk ook buiten het onderwijs werken. Heel veel mensen uit de privé zijn bereid om hun job deeltijds te combineren met een deeltijdse job voor de klas. Stimuleer dit. Het zorgt er niet alleen voor dat het lerarentekort wordt aangepakt maar ook dat de schoolteams diverser worden.
  • Zij-instromers die naar het onderwijs willen stappen worden vaak afgeschrikt door het financiële. Het loonverlies tegenover hun vorig job is te hoog. Mogelijk kunnen de regels inzake anciënniteit verder aangepast worden.
  • Wie geen pedagogisch bekwaamheidsbewijs heeft dient de lerarenopleiding te volgen. Maar dat is in praktijk vaak moeilijk realiseerbaar. Wie elders aan het werk is, en een gezinsleven heeft, heeft simpel weg de tijd niet om daarbovenop ook nog een intensieve opleiding te volgen. Laat staan dat hij warm loopt voor  theoretische ‘groepswerkjes’ met medestudenten. Trajecten moet afgestemd zijn op de al aanwezige kennis en ervaring van die personen. Een verkorte opleiding, heel specifiek praktijkgericht, en met vrijstelling voor inschrijvingsgelden is een alternatief met  als voorwaarde dat het bekwaamheidsbewijs binnen redelijke termijn behaald wordt
  • Versoepel verder de regels zodat gepensioneerde leerkrachten en vrijwilligers die in de bres springen daar financieel niet voor worden gestraft.
  • Bachelors en masters, die in het onderwijs staan, zijn vaak door een bijkomende opleiding expert geworden in bijvoorbeeld omgang met niet-Nederlandstalige leerlingen, of specifieke zorgnoden. Soms hebben ze ook een bepaald opdracht op school. Laten we die mensen daarvoor ook belonen. Verschillende verloningen mogen geen taboe meer zijn.
  • Stel een ‘intendant’ aan: een neutraal persoon/dienst met helikopterzicht op vacatures en databanken over alle onderwijsinstellingen en -netten heen, en die snel en efficiënt voor de juiste match kan zorgen.

Onze voorstellen kan je lezen, in het opiniestuk van Vlaams parlementsleden Gwendolyn Rutten en Jean-Jacques De Gucht. Lees het opiniestuk hier

Zoek nieuwsberichten
Meest recente berichten

Gemaakt door Code Nation via NationBuilder