Sla navigatie over

OPINIE: Dagprijzen rustoorden moeten niet stijgen

Zonder de beloofde subsidies zal de dagprijs voor kamers in rusthuizen onvermijdelijk stijgen. Vandaag wachten zo’n 175 oudervoorzieningen nog altijd op zo’n één miljard euro aan subsidies van de Vlaamse overheid. Zo bleek uit het antwoord van minister Vandeurzen op mijn schriftelijke vraag. De uithaal van Zorgnet Vlaanderen, de grootste koepel van woonzorgcentra, dat daardoor de rustoordfactuur voor ouderen omhoog zal gaan verwondert en roept vragen op, gezien heel wat commerciële initiatiefnemers vandaag gewoon hun infrastructuur zelf financieren. Zonder één cent belastinggeld en dit aan een prijs die vergelijkbaar is met die van de VZW’s.

Het Vlaams Infrastructuurfonds voor Persoonsgebonden Aangelegenheden – kortweg VIPA – voorziet in een subsidie van de infrastructuur ter waarde van 60% van de totale kostprijs van het bouwproject. Wachtlijsten voor deze subsidies zijn van alle tijden. Dat verklaart ook waarom het systeem al enkele keren veranderde: van een subsidie uitbetaald bij elke bouwfase naar een gebruikstoelage betaald gedurende 20 jaar. Het resultaat is altijd hetzelfde. Finaal eindigen we met wachtlijsten.

Subsides leiden tot hogere bouwkost

Daarnaast heeft het systeem ook perverse effecten. Een studie van het HIVA in 2012, die er gekomen was op aandringen van oud-collega Vera Van der Borght, wees uit dat gesubsidieerde woonzorgcentra gebouwd worden aan een veel hogere kost per vierkante meter dan niet-gesubsidieerde voorzieningen. Het verschil loopt op tot maar liefst 31%. En het wordt nog straffer: de kost per bed in een gesubsidieerd woonzorgcentrum ligt 68% hoger dan in een niet-gesubsidieerd woonzorgcentrum. VIPA blijkt dus duur en inefficiënt.

Last but not least leidt VIPA-subsidiëring momenteel ook niet tot een lagere kostprijs voor de oudere bewoner. Dat zou je als overheid toch mogen verwachten indien je subsidies geeft. De dagprijs van OCMW-woonzorgcentra ligt het laagst, maar dit geeft een vervalst beeld. De meeste woonzorgcentra van lokale overheden zijn zwaar verlieslatend. De dagprijs van een VZW-woonzorgcentrum is een beter vergelijkingspunt en daar zien we dat de prijzen van commerciële woonzorgcentra en VZW-woonzorgcentra gelijk lopen. Het argument dat er meer personeel werkt bij VZW-woonzorgcentra is correct, maar men vergeet er wel steevast bij te zeggen dat het gaat om administratief personeel. Voor verzorgend personeel is er geen of nauwelijks verschil. Als de VIPA-studie ons dus één ding zou moeten leren, is het wel dit : private initiatieven bewijzen dat het subsidiëren van bouwprojecten geen noodzaak is om de zorgprijs te drukken. De bakstenen behoeven dus geen subsidiëring, wel de zorg zelf.

Subsidiesysteem dringend herbekijken

De VIPA-subsidiëring is dus aan herziening toe. Vorige legislatuur was iedereen het daarmee eens : politici vanuit alle partijen, maar ook de sector zelf. Het is dus zaak een alternatief systeem uit te werken. Dat financieringssysteem moet alle initiatiefnemers op dezelfde wijze behandelen, zorgen dat er geen perverse effecten ontstaan die de kostprijs van een woonzorgcentrum doen stijgen en de betaalbaarheid van een bed in een woonzorgcentrum verbeteren. Ondertussen vermijden we best alle paniekvoetbal. Wat de commerciële woonzorgcentra al jaren doen, kan de huidige initiatiefnemers misschien inspireren. En de overheid, die moet eens nadenken over alle verplichtingen die zij initiatiefnemers oplegt. Maar de factuur voor ouderen opdrijven is voor Open Vld de allerlaatste optie.

Freya Saeys, Vlaams Volksvertegenwoordiger Open Vld
Vera Van der Borght, voormalig Vlaams Volksvertegenwoordiger Open Vld

Zoek nieuwsberichten
Meest recente berichten

Gemaakt door Code Nation via NationBuilder