Sla navigatie over

Opinie Arenberg

Alles is politiek, maar politiek is niet alles. Met die woorden vatte de Nederlandse theoloog H.M. Kuitert eind jaren ’80 zijn visie op de relatie tussen kerk en politiek samen. De scheiding tussen kerk en staat gaat in twee richtingen, stelde hij, omdat sommige maatschappelijke problemen simpelweg niet door de politiek moeten of kunnen opgelost worden. En dat geldt zeker ook voor cultuur.

Dertig jaar later hebben kerk en staat geleerd om uit elkaars vaarwater te blijven. De functie die ze vroeger hadden, zoals zingeving en een zondags uitje met de kinderen, wordt vandaag in grote mate opgevangen door de cultuur- en evenementensector.

Maatschappelijk zijn we er door die scheidingen enorm op vooruitgegaan. De eenheidsworst van het preekgestoelte die tot heuse beeldenstormen heeft geleid, is vervangen door een waaier aan voorstellingen, exposities en films die entertainen en vaak tot nadenken aanzetten. Ze maken ons tot vrije burgers die op eigen kracht tot conclusies komen over onszelf en de samenleving. Het is een uiting van de diverse wereld waar we altijd al in geleefd hebben. Veel meer dan de politiek, met haar drang om altijd gelijk te hebben en meerderheden te zoeken, zorgt ze voor verbinding en wederzijds begrip.

Maar al die argumenten om cultuur te vrijwaren van politieke invloed volstaan blijkbaar niet om de bemoeizucht van sommige mandatarissen te stoppen.

De beslissing van het Antwerpse cultuurschepen om over de inrichting van de gangen in de Arenbergschouwburg te oordelen is de volgende aanvulling op een triest lijstje van voorbeelden waar politici hun boekje te buiten gaan. Alles is politiek, denken zij, en dus mag de politiek zich met alles moeien.

Deze beslissing gaat verder dan het aantasten van de autonomie van cultuurinstellingen, het is regelrechte censuur. Zoals die keer toen het NTGent – niet bang van enige polemiek – Syriëstrijders op haar podium wilde zetten en er vanuit rechtse hoek direct gedreigd werd met financiële sancties. Of nog, toen de Truiense burgemeester Veerle Heeren een plastic zeil over een kunstwerk ging hangen omdat er een afbeelding van Hitler in verwerkt was. En wat te denken van de zwarte tape die de Borgloonse burgemeester over de tepels van enkele Playboymodellen in een werk liet kleven?

In een vrije samenleving hoort het er nu eenmaal bij om soms geconfronteerd te worden met iets wat je liever niet ziet. Iets waar iemand aanstoot aan kan nemen, om politieke of morele of strikt persoonlijke redenen. De politiek moet de vrijheid van cultuur vrijwaren en niet aan banden leggen.

In het buitenland zijn er heel wat voorbeelden waar dat wél gebeurt. Het is geen toeval dat de Chinese kunstenaar Ai Weiwei een dissident is. Zijn kunst is kritisch voor de communistische partij en dus vormt hij een politieke bedreiging die door de overheid vervolgd moet worden. Maar ook dichter bij huis, in Spanje, zitten er rappers in de gevangenis omdat ze de monarchie beledigden. En in de Verenigde Staten woedt er zelfs een hele cultuuroorlog, waar boeken worden verboden en kunstenaars gecensureerd als ze niet voldoen aan de dominante politieke moraal.

We blijven in België vooralsnog gespaard van dergelijke excessen.

Toch overschrijdt wat vandaag gebeurde in de Arenberg een nieuwe grens. De Arenberg is een autonome kunstinstelling. Die zou de volledige artistieke vrijheid moeten hebben. Nu worden ze gecensureerd in wat ze waar ophangen aan hun muren, morgen wordt misschien verboden wat ze op hun podium willen tonen.

De maatschappij geeft zichzelf vorm door connecties tussen mensen, en de politiek heeft als taak ten dienste te staan van de burger. Een strijd tussen politiek en cultuur is in essentie een strijd tussen politiek en burgers, die doet denken aan de oude strijd tussen kerk en staat of zelfs de beeldenstormen.

Maar cultuurmakers zijn geen beleidsmakers. Ze hebben gelukkig niet de macht die de kerk vroeger had, ze hebben geen coherente ideologie of politieke agenda. Laat ons dan ook niet doen alsof ze een nieuwe religie zouden zijn. Want voor je het weet spreken we weer over Entartete Kunst. In de jaren ’30 waren dat de verboden werken, die vernietigd werden omdat ze te ‘regimekritisch’ zouden zijn.

De enige manier om een slippery slope te vermijden is er niet gaan opzitten. De enige barrière tegen censuur in de kunsten, is een politiek die zo ver mogelijk van de kunstcreatie wegblijft.

Zoek nieuwsberichten
Meest recente berichten

Gemaakt door Code Nation via NationBuilder